Reflectievragen

  1. Help ik de vrijwilligers of helpen de vrijwilligers mij?
  2. Wie heeft werkelijk talent voor deze klus?
  3. Wie kan ik het beste met wie laten samenwerken?
  4. Waar liggen eigenlijk mijn eigen talenten?
  5. Hoe kan ik hem of haar uitdagen meer uit zichzelf te halen?
  6. Zijn deze vrijwilligers werkelijk zelf eigenaar van dit project?
  7. Hoe houden we er met elkaar plezier in?